Laten we het idee van “het einde van Internet” samen opnieuw verkennen. Er bestaan zowel technische scenario’s (bijvoorbeeld kabels die uitvallen of cyberaanvallen) als maatschappelijk-filosofische scenario’s (waar mensen zich bewust afkeren van online leven).
🔧 Technische scenario’s
– Uitval van infrastructuur: Het internet draait op een netwerk van onderzeese kabels, datacenters en satellieten. Als die door oorlog, natuurrampen of sabotage beschadigd raken, kan het netwerk regionaal of zelfs wereldwijd stilvallen.
– Cyberaanvallen: Grootschalige aanvallen op DNS-servers of cloudproviders zouden miljoenen diensten tegelijk platleggen.
– Overbelasting: Een extreme piek in dataverkeer kan leiden tot storingen, al zijn moderne netwerken hier redelijk tegen bestand.
🌍 Maatschappelijk-filosofische scenario’s
– Extinction Internet: Geert Lovink, hoogleraar Netwerkcultuur, schetst een toekomst waarin de nadelen van internet zo groot worden dat mensen zich er massaal van afwenden. Denk aan verslaving, polarisatie en desinformatie.
– Dead Internet Theory: Deze theorie stelt dat als bijna alle content door AI en bots wordt gemaakt, het internet zijn geloofwaardigheid verliest en “dood” wordt.
– Digitale ongelijkheid: Zelfs zonder uitval kan het internet “eindigen” voor groepen mensen die geen toegang of vaardigheden hebben, waardoor de samenleving ongelijker wordt.
– Culturele verschuiving: Sommige denkers zien een scenario waarin mensen bewust terugkeren naar offline gemeenschappen en fysieke interactie, omdat online platforms te toxisch of te dominant zijn.
📌 Wat betekent dit concreet?
– Technisch einde: Kortstondig, chaotisch, maar waarschijnlijk tijdelijk.
– Sociaal einde: Langzaam, door keuzes van gebruikers en machtsconcentratie bij Big Tech.
– Filosofisch einde: Het internet blijft bestaan, maar verliest zijn oorspronkelijke belofte van openheid en democratisering.
Wil je dat ik dit verder uitwerk als een **toekomstscenario** (een soort verhaal over hoe de wereld eruitziet zonder internet), of liever als een **analyse met voor- en nadelen** van zo’n einde?
